Sunday, May 20, 2007

Nat

is het gravelpad dat zachtjes kraakt onder mijn gympies. De deur piept hard achter mij dicht. Een rilling glijdt langs mijn rug als ik de geur van een open haard diep opsnuif. Weer dat gemis, Roemenië. Ik blijf een moment staan, snuif nogmaals de geur op, laat het gevoel op mij inwerken. Deze vreemde pijn, de mix van sentiment en gemis. Ik zet mijn voeten richting uitgang van het Begijnhof. Rond dit uur is het meest aangenaam, geen mensen die mij kunnen zien, geen mensen die ik wil zien. Eindelijk het regent, zachtjes hoor ik het druppen met hier en daar het gekletter van een kapotte regengoot waar het water met meer geweld op de grond valt. Ik kom bij de uitgang van het Begijnhof en draai af richting kerk. Langzaam wandel ik, mijn blik naar de grond gericht. Ik zie het gat in mijn rechterschoen. Geen geld voor nieuwe en geen geld voor reparatie. Onwillekeurig denk ik na over dit probleem. Hoe lang zou het nog duren voordat ik schoenen kan kopen? Ik vraag me af hoe lang het nog duurt voordat ik weer fatsoenlijk boodschappen durf te doen. De afgelopen 2 jaar hebben mij totaal geconditioneerd om bijna geen geld meer uit te geven. Zeker niet aan eten. Althans het kost mij de grootste moeite om dat te doen. Ik loop voorbij de kerk die statig de donkere nacht in torend. Honderden jaren oud, onverstoorbaar zoveel gezien en te vertellen. Ik kom bij de automatique, ik verga van de dorst. ik zoek naar iets wat me zal bevallen. Ik zie een vrolijk blikje met knallende kleuren, iets exotisch. Ik werp 2 euro in de gleuf en bestudeer hoe een soort van robot lift het blikje behendig opvangt en naar de uitgang transporteert. Ik hoor het vegen van een bezem en zie aan de overkant de kelner van "den Bottel" het terras schrobben. Ik kijk om me heen en zie een andere automaat. Het was mij ontgaan dat er ook bier te verkrijgen was. Bier uit een automaat. Belgischer kan het niet. Ze hebben ook wijn, ik besluit er een wijntje bij te nemen. Nog een zak chips en ik ben weer op pad. Ik erger mij dat het Lays chips zijn. Te zout en niet te vreten. Ik baal van deze merken die het straatbeeld en de winkelrekken vult. Diversiteit aan smaak gaat verloren door de globalisten. Lays, Pringles, Coke, Pepsi allemaal hetzelfde. Ze maken ons dom en willen ons doen geloven dat het "cool" is om deze merken te gebruiken, dat het geluk in een cola blikje zit. Ik loop terug naar de kerk en buig net voor de kerk af. Ik loop langs een paar graven. Mijn oog valt op een fotootje van een jonge knaap in strak en stijf pak. 1924-1945 zie ik in het donker. Ontrukt uit ons leven door een vliegende bom. Ik loop verder langs de paar overgebleven graven. Waarschijnlijk was het kerkhof veel groter vroeger dan de 10-tal graven die er nu nog staan. Meer als decoratie dan als kerkhof denk ik bij mezelf. Ik kom op de lange straat achter de kerk die recht naar het oude kasteel loopt. De jeugdgevangenis. Terwijl ik loop kijk ik om me heen, neem alle details in mij op, schaduwen die bewegen achter gordijnen, blauw licht van televisies flakkert tegen de muren. Ik denk aan gisteravond, aan het feestje waar ik was en wat mij vervulde vol walging en afschuw. Goedkoop plat publiek, nederlandse import in België. Dikke naakte vrouwen, die dansen op een podium, oud vlees in goedkoop lak bij elkaar gebonden. Veertiger mannen die nog even gesnoven hebben aan een flesje testoseron. Lillend oud vlees op Organza achtige beats. Nietszeggend, afgetakeld, plat, decadent, genitaliën gericht, breinloos. Ow ik liet me weer eens meeslepen in mijn eigen enthousiamse en daar stond ik dan. Balen, van de entreeprijs, balen van de opgewarmde diepvries saté, dat als eten door moest gaan. Balen van de muziek, de goedkope parfum van de vrouwen om mij heen. Ik speelde mee, ik deed alsof ik het leuk vond, tenslotte had ik betaald, maar ik was liever thuis gebleven. Soms moet je dit denk ik zien, om te weten wat je niet wilt, en om zeker te weten wat je wel wilt. Mijn afkeer voor groepsdingen, groepsmensen, platte humor, onderbroekenlol wordt ook nog eens versterkt. Ik zei vandaag tegen Kate, ik wil meer en meer mij afzonderen van mensen. Ik heb meer en meer minder trek in mensen, zelfs vrienden. Ik wil mijn eigen kleine wereldje, mijn eigen bubble en iedereen buiten houden. Ik kan het tegen haar zeggen omdat ze het begrijpt. Ze is ook zo. Ze wil het ook. Vreemd dit meisje aan de andere kant van de aardbol, andere culttuur en andere leeftijd, en ze voelt hetzelfde. Soms is er best wel die angst dat ik het idealiseer en dat ik wil dat ze hetzelfde is, maar toch, ik zie het en voel het. Zijn we dan toch die soulmates? Ik ben intussen bij de weg naar de nachtwinkel aangekomen. Ik denk weer aan een paar jaar geleden, aan Boekarest. Die vreemde ontheemdheid, die depressieve omgeving die mij gelukkig maakte. Ik den aan Garbage, "I am only happy when it rains". Ja het is waar ik ben alleen gelukkig als het regent. Terwijl ik peins hoor ik de deurbel van de nachtwinkel, even gauw een doos kattevoer.....

3 comments:

Anonymous said...

its amazing that we are so alike
I cant wait to see you baby :)

Anonymous said...

wat je ziet wordt bepaald door je eigen blik, de wereld is zoals je hem zelf creert, je hebt een keuze voor geluk ondanks al die anderen, en een keuze voor depressie door al die anderen (terwijl de echte depressie vanuit jou komt, niet vanuit je omgeving)... kritische noot is ook wel eens ok toch? ;)

Anonymous said...

Rkd e iic w free porn, porn. Zeg s, auq soschq|rrf hgqovfv h dc ap.